Je ziet het de laatste tijd steeds vaker in de Nederlandse (en buitenlandse) filmindustrie: verfilmingen van een boek of van een waargebeurd verhaal. In Nederland zijn bijvoorbeeld de boeken van Saskia Noort populair om te verfilmen.
Recente boekverfilmingen zijn onder andere “Oorlogswinter” (2008), “Komt een vrouw bij de dokter” (2009), “Tirza” (2010) en “de Verbouwing” (2012). Recente films die zijn gebaseerd op een waargebeurd verhaal zijn bijvoorbeeld “de Heineken Ontvoering” (2011) en “Lucia de B.” (verwacht in 2014).
Maar is dat eigenlijk nog wel leuk; een film kijken waarvan je al weet wat er gaat gebeuren en hoe het verhaal af loopt? Blijkbaar toch wel, want de meeste boekverfilmingen trekken veel bezoekers naar de bioscopen. Ten eerste zijn er natuurlijk altijd mensen die liever niet lezen, maar die wel van een veel gelezen boek hebben gehoord en dus nieuwsgierig zijn geworden. Daarnaast is het voor degenen die het boek wél hebben gelezen fijn om herkenning te vinden bij het zien van de film. Het nadeel hiervan is wel dat de verfilming bijna altijd anders is, dan hoe jij het jezelf had voorgesteld bij het lezen van het boek. Het belangrijkste voordeel van een boekverfilming is dat de producent al zeker dat hij een goede verhaallijn te pakken heeft, maar daar nog wel zijn eigen draai aan kan geven. Er zullen dus altijd voor- en tegenstanders van boekverfilmingen zijn, maar vaak worden ze een groot succes!